22 januari 2026

We hebben het al dikwijls gehad over de pensioenhervorming die gestart is in 2025. Een overzicht van de maatregelen die sinds 1 januari 2026 in werking zijn getreden.

Wettelijk pensioen

De pensioenbonus

Blijft u werken na uw 66e verjaardag (67 jaar in 2030) of hebt u een volledige loopbaan bereikt (45 jaar) ? Dan bouwt u een pensioenbonus volgens het “nieuwe model” op, die u kan ontvangen vanaf 2027 (Let op: de jaren die u presteert na het moment waarop u uw vervroegd pensioen kan opnemen, tellen niet meer mee voor de opbouw van de bonus).

2 voorwaarden :

  • u telt ten minste 35 loopbaanjaren met elk minstens 156 dagen, en       
  • u hebt in totaal minstens 7.020 werkdagen, effectief of gelijkgesteld

Hoeveel?

  • 2% per jaar als u geboren bent vóór 1963
  • 4% per jaar als u geboren bent tussen 1963 en 1972
  • 5% per jaar als u geboren bent vanaf 1973 

Beperking van de indexering van de hoogste pensioenen

De indexering van pensioenen die als “hoog” worden beschouwd, wordt voortaan beperkt op basis van twee schijven van het bruto pensioen:

  • meer dan 2.000 euro: maximum twee verhogingen tot 2029, telkens met een bedrag van 40 euro in plaats van de 2% indexering.
  • meer dan 5.250 euro: een verhoging van 36 euro bij elke overschrijding van de spilindex.

Aanvullende pensioenen

Afschaffing van de verzekeringstaks op de POZ-bijdragen

De verzekeringstaks van 4,4% wordt niet langer toegepast op de premies die vanaf 10 januari 2026 worden gestort voor een Pensioenovereenkomst voor Zelfstandigen.

Uniformisering van de solidariteitsbijdrage op de kapitalen

Bij de opname van een aanvullend pensioen wordt een solidariteitsbijdrage geheven op het kapitaal. Tot eind 2025 varieerde deze bijdrage tussen 0 en 2%. Vanaf 2026 wordt de solidariteitsbijdrage geüniformiseerd op 2%, ongeacht de grootte van het kapitaal.

Verhoging van de Wijninckx-bijdrage voor IPT-contracten van bedrijfsleiders en voor Pensioenovereenkomsten voor Zelfstandigen (POZ)

De Wijninckx-bijdrage is van toepassing op de bedragen die u (in het geval van een POZ) of uw vennootschap (in het geval van een IPT) stort voor uw aanvullend pensioen, wanneer het opgebouwde pensioenbedrag op 1 januari van het voorgaande jaar een bepaalde drempel overschrijdt. Deze drempel komt overeen met het maximum pensioen van ambtenaren (97.548,24 euro) en wordt aangepast in functie van de loopbaan die u reeds hebt opgebouwd.

Wanneer deze drempel wordt overschreden, wordt een percentage toegepast op de toename van uw reserves tijdens het voorgaande jaar. Dit percentage stijgt van 3% in 2025 naar 12,5% in 2026.