VAP en groepsverzekering: de optimale combinatie
Als u zelfstandig bent en een vennootschap hebt, is het vrij aanvullend pensioen (VAP) het voordeligste fiscale instrument om later uw pensioeninkomsten aan te vullen. Het aldus opgebouwde pensioenkapitaal mag echter nog wat worden aangevuld. Wat dat betreft, is een groepsverzekering de ideale aanvulling. Wat kan deze combinatie u concreet opleveren?
VAP of groepsverzekering: een bedrag à la carte
Het afsluiten van een VAP-contract laat een grote vrijheid in het beheer van de bedragen van de bijdragen: u stort hoeveel u wilt, met een minimum van € 102 en een maximum van € 3.199,76 (1) .
Het maximum hangt af van uw inkomen: om voorgenoemd maximumbedrag te kunnen storten, moet uw netto belastbaar beroepsinkomen minstens 34.040 euro bedragen (2). U kunt de betaling van uw bijdragen ook onderbreken, zonder dat u daarvoor fiscaal gestraft wordt.
De groepsverzekeringspremie ten gunste van de zelfstandige bedrijfsleider biedt eveneens een grote flexibiliteit. Hoewel ze door de vennootschap wordt gestort, hangt ook zij af van de bezoldiging van de zelfstandige, zonder dat hier echter een absoluut maximum geldt. Om aftrekbaar te zijn, moet de premie echter de 80 %-regel respecteren.
Anders gezegd:
de som van het wettelijk pensioen en de aanvullende pensioenen (VAP en groepsverzekering) mag niet meer bedragen dan 80 % van het laatste normale brutojaarbezoldiging van de bedrijfsleider.
Dus hoe hoger de bezoldiging van de bedrijfsleider, hoe meer marge voor de storting van de groepsverzekeringspremie. Elke verhoging van bezoldiging geeft een nieuwe opportuniteit voor bijkomende aftrek, in tegenstelling tot het VAP waar het aftrekbaar bedrag beperkt is tot een absoluut maximum. Dat verband met de laatste bezoldiging van de bedrijfsleider impliceert dat de premie, als de groepsverzekering de 80 %-regel optimaal benut, jaarlijks wordt herberekend.
Nog een troef van de groepsverzekering: de "back service". Die maakt het mogelijk inhaalpremies, die fiscaal aftrekbaar zijn, te storten voor de jaren waarin eventueel geen premies werden betaald. Het VAP daarentegen staat enkel bijdragen toe die betrekking hebben op het afgelopen jaar.
VAP: voordelige belasting van het pensioenkapitaal
Op het moment van pensioenopname, zal uw VAP-kapitaal worden belast volgens het principe van de fictieve rente, de fiscaal voordeligste formule, die neerkomt op een totale aanslagvoet van gemiddeld 13 %, uitgedrukt in verhouding tot het pensioenkapitaal.
Het pensioenkapitaal dat u ontvangt in het kader van een groepsverzekering wordt niet belast op basis van een fictieve rente. De aanslagvoet hierop bedraagt gemiddeld 22 %. Bovendien wordt op het VAP-kapitaal sinds 1 januari 2004 geen solidariteitsbijdrage van 2 % meer geheven, terwijl dat voor het kapitaal uit een groepsverzekering wel nog het geval is.
Eerst het VAP, daarna de groepsverzekering
Het VAP is een mooie kans, want het biedt grotere fiscale voordelen dan een groepsverzekering:
- door de aftrekbaarheid van de bijdrage kunt u een hogere belastingbesparing realiseren (de marginale aanslagvoet van de personenbelasting is hoger dan de aanslagvoet in de vennootschapsbelasting),
- op de VAP-bijdragen wordt geen 4,4 % verzekeringstaks geheven,
- en ten slotte wordt het uiteindelijk ontvangen kapitaal minder belast dan dat uit een groepsverzekering.
Het is dus beter om de voorkeur te geven aan het VAP en daar het maximaal aftrekbare bedrag aan te besteden, berekend op basis van uw inkomsten. Als de 80 %-regel u een marge laat, kan u uw rustpensioen vervolgens nog aanvullen met een groepsverzekering en zo uw belastingvoordeel maximaliseren.
(1) Bedrag voor 2010.(2) Voor zelfstandigen gaat het hier om het netto belastbaar beroepsinkomen (bruto-inkomen verminderd met de beroepskosten en de sociale bijdragen) van drie jaar geleden. Voor loontrekkenden en ambtenaren gaat het om het netto belastbaar beroepsinkomen van het lopende jaar.






